Gelukkig zijn er nog het verlangen en de troost

8 oktober 2018 /

Op 15 augustus trad Koen Snyers samen met Staf Nys (aka Gustav Leo) op tijdens Kunstenfestival Watou. Twee dagen lang dompelde Koen zich onder in het festival dat beeldende kunst en poëzie op wonderlijke wijze combineert. Enige tijd later schrijft hij een open brief aan het festival.

//

Beste Kunstenfestival Watou

Deze zomer was ik bij u te gast, als tekstperformer samen met singer-songwriter Staf Nys. Ik kan u zeggen: voor een dichter, schrijver en tekstperformer zijn er weinig plekken waar het zo fijn optreden is, bovendien met een erg kunst- en poëzieminnend publiek. Uiteraard bezocht ik u niet alleen om te performen, maar ook om onder te duiken in wat u tijdens deze editie op beeldend en poëtisch vlak te bieden had.

Over het verlangen en de troost: dat was het overkoepelende thema dit jaar. Verlangen, dat doen we allemaal. Hoe vaak verlangen we niet naar grootse, haast onbereikbare dingen? Vaak is dat verlangen groot, zo groot dat we te ontgoocheld zijn om nog troost te vinden als we het onbereikbare niet bereiken. Wat als we meer zouden verlangen naar het kleine, het onvolmaakte, het nabije, naar dat wat we niet meer zien omdat we steeds verder kijken dan de horizon? Verlangen naar het nabije zou misschien meer troost bieden; verlangen en troost zouden misschien een minder wankel evenwicht vormen dan. En toch, als we niet meer kunnen of mogen verlangen naar het onbereikbare, dan resten ons geen dromen meer.

Maar terug naar u, naar het festival, naar wat me deed verlangen en naar wat me troost bood. Een kleine greep eruit, ik beperk me tot drie kunstwerken.

Om te beginnen was er de installatie van Katrin Dekoninck. Een detail daaruit was ook het campagnebeeld van het festival. Hoeveel troost kan er spreken uit het beeld van een hoofd dat zichzelf te rusten legt op een hoofdkussen, terwijl het lichaam nog rechtop staat en de armen letterlijk laat hangen?

Ten tweede was er de film The Girl van Hans Op de Beeck. De combinatie van de beelden van een meisje in verschillende settings met de sfeerscheppende muziek van Tom Pintens en Pitou: het getuigt van een buitenaardse, rustgevende schoonheid die troost biedt voor het jachtige leven.

Ten derde was er het werk ‘living dog among dead lions’ van Vajiko Chachkhiani, een houten huis waarin het regent. Een indrukwekkende installatie, die niet alleen dichteres Moya De Feyter inspireerde maar ook mezelf aanspoorde tot het videogedicht ‘Regen in huis’, waarvan de tekst ook deel uitmaakt van mijn nieuwe bundel Wij zijn breekbaar.

Beste festival, er was zoveel meer dat mij raakte. En ja, ik vind het fijn om geraakt te worden. Wij zijn breekbaar, het is niet zomaar de titel van mijn nieuwe bundel. Een titel die klinkt als een statement. En dat is het ook, precies omdat het zo mooi is om breekbaar te zijn. Het hoeft immers niet te betekenen dat we plooien. Want, u weet dat al te goed: gelukkig zijn er nog het verlangen en de troost. Ik hoop dan ook dat u mij de komende jaren nog meer laat verlangen en troost biedt als het nodig is.

//

Foto bovenaan: detail uit de installatie van Katrin Dekoninck.
Bekijk de film The Girl van Hans Op de Beeck op zijn website.

Bekijk hier mijn videogedicht bij het werk ‘living dog among dead lions’ van Vajiko Chachkhiani: